Leeg

24 september 2008

Ik ben het slachtoffer geworden van een ouderwets fenomeen. Een stuk onverlaat heeft mijn achterband leeg laten lopen. Ik bedoel, een fietsband leeg laten lopen. Dat is lopen, halt houden, bukken, kijken waar het ventiel zit, dopje eraf draaien, ventiel losdraaien en wegrennen; ik vind het allemaal nogal wat.

Het kan dan ook niet lang meer duren voordat iemand straks een hoop stront in een krant vouwt en het pakketje in de fik steekt. Vervolgens gaat ie bij mij aanbellen en als ik de deur opendoe moet ik verschrikt het vuur uitstampen.

Of dat iemand me straks insmeert met pek en veren en me in mijn blote hol door de straten jaagt.

Of dat er bij mij wordt belletje getrokken.

Of dat mijn vriendinnetje tandpasta op mijn lippen smeert. Stiekem. ’s Nachts.

De zaadjes van rozenbottel in mijn t-shirt.

Aan elkaar vastgebonden veters.

Een briefje op je rug. Waar Ik ben Stom op staat.
.

Geluid

23 september 2008

Ik lag lekker. Half op mijn zij, met mijn gezicht diep in mijn kussen gedrukt. Er waren geluiden, maar ik liet me niet uit mijn slaap halen. Ik droomde over stranden, roadtrips door de VS, de tour de france, Portugal, Kopenhagen, boottripjes en nog veel meer.

Toen hoorde ik weer een geluidje. Wederom liet ik mezelf doorslapen, een geluidje meer of minder, daar draai ik mijn slaapmuts niet voor om.
Het geluidje hield aan. Vastberaden en halsstarrig. Ik draaide me om en drukte mijn andere kussen op mijn oor.
Het geluidje stopte niet.

Wat was het? Het kwam me vaag bekend voor. Het deed me aan vroeger denken.

Het alarmpje van mijn kinderfietssirene?
Het piepje van een magnetron?
Een toon van victorie, zoals bij een kermis-horlogehapper?
Het was.
Het was.
Het was mijn wekker.

Het Grote Mensen leven is weer begonnen. Ik werk weer.
En het bevalt.

Summer Ends

18 september 2008

Het was slapen, wakker worden, de luchtbed bijpompen, weer slapen, wakker worden, ontbijt halen, cafe con leche bestellen, terug slenteren, handdoek pakken, boek pakken, zwembroek aantrekken, naar paradijselijke baai lopen (ja, die ja, hier linksboven), handdoek uitwaaieren, liggen, insmeren, liggen, bladzijde omslaan, liggen, bladzijde omslaan, baai bekijken, hoofdschuddend weer een bladzijde omslaan, zwemmen, opdrogen, bladzijde omslaan, handdoek opvouwen, biertje drinken, biertje betalen, biertje drinken, biertje betalen, op balkon zitten, biertje drinken, koken, biertje drinken en slapen. En dat keer zes.

En toen: trein naar Barcelona pakken, inchecken in hostel, taxi naar Camp Nou pakken, kaartje voor Champions League wedstrijd Barcelona – Sporting Lissabon kopen, tussen de fanatieke aanhang pal achter het doel gaan zitten, drie keer juichen, één keer schelden, biertje drinken op Placa Catalunya, biertje drinken, slapen, fokking vroeg wakker worden, vliegtuig pakken, uitstappen en vriend Javier bedanken voor de geweldig week.

Zo gaan die dingen. Die dingen ja.

En zo ziet Henry er uit als ie voetbalt.

En als mijn internetlijntje het vandaag voor elkaar krijgt om boven de 1 kb/sec uploadsnelheid te komen, load ik ook nog even wat sfeerfilmpjes up.
.

Spanje

10 september 2008

Vandaag smeer ik hem voor een weekje naar Spanje. Omdat zij – die spanjaarden – deze zomer zoveel gewonnen hebben. Een tour-de-france’je, een wimbledonnetje, een EK’tje. Ik wil persoonlijk polshoogte nemen. Wat is daar aan de hand? Wat is het geheim achter het succes van Spanje en, belangrijker nog, kunnen wij nog meer successen uit het land van Sinterklaas verwachten?

Ik laat me een week lang onderdompelen in het leven van een Spanjaard. Zon, zee, sinaasappelen en af en toe biertje. Ik ga op vakantie en neem mee een onderbroek of zeven, een hele toffe vriend, een zwembroek en mijn I-pod (helemaal volgecharged met nieuwe muziek. Zoals de nieuwe van The Verve, potdomme, wat is ie goed). En een stapel boeken, waarvan Manon Uphoff’s Schaduwvlammen de dikste is en Tjitske Jansen’s Het Moest Maar Eens Gaan Sneeuwen de allerdunste.

Ot Moarn.

Villa Ruysch

9 september 2008

Villa Ruysch is geen huis maar een restaurant. En daar at ik wat. Om precies te zijn een Boerenkippetje met Bourgondische groenten, bereid met exotische kruiden.
Kip met groenten dus.
De ober hielp ons keurig.
Hij zei dat de tent lekker liep. Niks te klagen.
“Dus de eigenaar zit met zijn gat op een Caribisch Eiland”, zeiden wij.
“Nee, die zit daar”
Hij wees naar een vrouw van rond de vierendertigeneenhalf met vet geblondeerd haar. Ze kegelde wijn naar binnen.

Haar telefoontje begon te rinkelen en ze nam met knetterharde stem op.
Binnen één minuut wist ze iemand aan de andere kant te vertellen dat ze weinig tijd had want oh oh, wat was ze druk en poeh hee, ze moest volgende week voor een maand naar Ibiza want daar had ze een huis en nou nou, hopelijk kon ze een gaatje vinden om een afspraak te maken en sjezus wat een tyfusweer was het hè.

Ik vond haar per ommegaande niet zo heel erg aardig.

Drie uur later dronken we koffie en een likeurtje.
Aan de overkant van de straat stonden twee gasten te klooien. Een fiets viel. Er werd gelachen.

“Hey stelletje eikels! Rot es effe op! Vinden jullie dat normaal, idioten!”, schreeuwde een vrouwenstem.
De twee jongens wisten zich geen houding te geven.
“Dat is mijn fiets godverdomme. Oprapen!!”
De jongen hielden spoedoverleg.
Intussen besloot ik enkele calorieën te verbranden en mijn nek uit te steken. Ik was benieuwd waar het afschuwelijke gekrijs vandaan kwam. En verdomd dat het niet waar was: Het was de niet zo aardige eigenaresse van een jaar of vierendertigeneenhalf.

Eén van de jongens raapte de fiets op en ze liepen weg. Stuurs voor zich uit kijkend.
“Niet meer doen hè, stelletje eikels”, riep ze nog.

Oproep: Ga niet bij Villa Ruysch eten. Please.
Ze heeft het al zo druk.
.

Biertje?

6 september 2008

Oi oi oi

[youtube=http://www.youtube.com/watch?v=oZq-6PL8L6A&hl=en&fs=1&color1=0x2b405b&color2=0x6b8ab6]

De Rat

5 september 2008

Let ook even op de trui, het ‘jongons’ en de subtiele ‘hoppa’

[youtube=http://www.youtube.com/watch?v=siW8Ey0Bf1Y&hl=en&fs=1&color1=0x2b405b&color2=0x6b8ab6]

Zoeken

3 september 2008

Via mijn indrukwekkend geavanceerde bezoekers-analyse-systeem kan ik zien hoe mensen mijn site weten te vinden. Zo is een verdwaalde internetter onlangs mijn site ingezogen toen hij of zij via een zoekmachine op zoek was naar informatie over “fietsen in Bryce Canyon“. Ik – niet op aarde gekomen om mensen teleur te stellen – ben van mening dat mijn site zo nu en dan ook best enige informatieve waarde mag hebben. Dus, mocht u, beste fietser, dit nog lezen, dan is hier mijn advies: Ja, dat kan, maar zorg wel dat u zich goed insmeert. Het kan er gemeen heet wezen.

Opmerkelijker: De afgelopen dagen is er iemand geweest die mijn site heeft gevonden door de volgende zoekterm bij Google in te tikken: “staand rekje voor vingerhoedjes

Wil die bezoeker zich onmiddellijk melden? Ik wil dolgraag in contact komen met personen die op zoek zijn naar een staand rekje voor vingerhoedjes.
.

Ssssjit

3 september 2008

Me seit iz vandaag fokking traag.
Licht niedt aan jou pc. Weet je.


.

Run

3 september 2008

Vanochtend kon ik de sluimerende drang niet langer beheersen: ik ging hardlopen. En dat om wel negen uur ’s ochtends. Ik ging voortvarend van start. Hup, hier de Lijnbaansgracht op, links over het bruggetje en bam! voluit over de Marnixstraat. Gelukkig kwamen de eerste stoplichten al vrij snel in zicht. Ik omarmde het rode licht en hijgde als een oud paard.

Nog gelukkiger ging de brug ook nog open. Een ongenadig groot rondvaartschip passeerde de ongeduldige meute op de kade. Ik was de enige die geen haast leek te hebben.

Op den duur ging de brug weer dicht en moest ik verder. Dwars door het Westerpark, had ik bedacht. Honderd meter voor me liep een vrouw. Bij elke stap zwaaide haar onderbenen naar buiten, ze had zogezegd geen mooi loopje. Ze smeet met haar krachten en leed zichtbaar. Op haar bovenarm had ze een Ipod bevestigd.

Ik haalde haar in. Niet lang daarna merkte ik dat mijn lichaam even wilde wandelen.
Toen haalde ze mij weer in. Nadat mijn hartslag weer onder de 200 raakte, vloog ik weer vooruit. De vrouw met de zwaaiende onderbenen wandelde inmiddels. Ik haalde haar in.
En toen zij mij weer. En toen ik haar weer. Het was een aaneenschakeling van inhalen en ingehaald worden. Ik pikte het niet langer en begon een soort demarrage van een minuut of vijf. Schalks keek ik om. De vrouw was nergens te bekennen en ik voelde de sensatie van victorie.

Gelukkig stond op de terugweg de brug weer open. Dit keer voer een schip uit Wormerveer door het kanaal. Ik hief mijn vuist. De man in de stuurhut reageerde niet.
.