We gingen naar een pubquiz en toen ik binnenkwam zag ik het al gelijk: het wordt vanavond gezellig irriteren. Er zat een groepje naast ons die er allemaal uitzagen alsof ze iets serieus gestudeerd hadden. Ik ken veel mensen die gestudeerd hebben, maar die zien er niet zo uit. Mensen die er uitzien zoals zij, daar moet ik ver vanuit de buurt blijven. Ik bedoel niet de corpsballen. Ik bedoel die typetjes met wollen truien en dunne, ronde brillen.
Oke. Ze zaten daar, een tafel verder, en het leek er sterk op dat de ouders van deze universitaire kinderen vakkundig elke vorm van humor uit het lichaam hadden verdreven. Of het heeft er nooit gezeten, dat zou ook goed kunnen. Ze dronken trouwens wel bier, maar ze zorgden er allemaal voor dat ze een verschillend (verantwoord!) flesje bier bestelden. Toen de vragen werden gesteld zeiden ze heel veel ssst en overlegden ze erg overdreven.
Intussen irriteerde ik me ook mateloos aan degene die de vragen stelde. Het was zo’n meisje dat een Lowlands-armbandje uit 2005 om haar pols had hangen en bitterballen ging eten terwijl ze de vraag moest voorlezen. Het was allemaal vreselijk vervelend en ik dacht waarom moeten ze altijd mij hebben?
Intussen gingen we als een speer en hadden we heel veel vragen fout. En dat terwijl we eigenlijk heel goed waren. Het journalistieke gehalte in ons groepje was bijna eng te noemen, maar de gestelde vragen leken niet op onze onuitputtelijke kennis aan te sluiten. Uiteindelijk werden we vierde en meedoen is veel belangrijker dan winnen, zei dat vervelende meisje ook nog. Met mosterd in haar mondhoek.