Duits
29 juni 2009We waren in Kroatië en ik haalde een pakje sigaretten. Uiteraard probeerde ik Marlboro Light zo kroatisch mogelijk uit te spreken.
“Marlboro Light”, zei ik.
De vrouw in de kiosk lachte mij vriendelijke toe en graaide onder de toonbank. Ze legde iets kleurigs op de toonbank.
“Telephone Card”, zei ze, en ze wees triomfantelijk naar het dingetje wat tussen ons in lag.
Ik schudde mijn hoofd.
“No no. Sigarettes, Marlboro Light”, en ik maakte met mijn vingers een rookgebaar.
“aha”, zei ze. En ze legde de telefoonkaart weer weg.
“Zweiundzwanzig, bitte”, zei ze.
Ik dacht, da’s grappig, ze denkt dat ik duits ben.
“Ha, that’s German, but I am d..”, zei ik.
“Zweiundzwanzig, bitte”, herhaalde ze.
Ze lachte mij nog steeds toe. Iets minder vriendelijk.
Ik gaf haar het geld.
In de middag kregen we een menukaart met Getränken en toen we weggingen zeiden ze Wiedersehen.
“I’m not German”, zei ik.
‘s Avonds bestelde ik twee bier in het kroatisch. De barkeeper zei “Zwei bier?”. Ik zei dat ik niet uit Duitsland kwam.
‘s Nachts kon ik de slaap niet vatten.
De volgende ochtend kregen we zwei kaffee en ik probeerde uit te leggen dat we uit Nederland kwamen. Ik begon te trillen en op het strand had ik het slecht. We gingen lunchen en toen bestelde ik alles met een zwaar engels accent.
Tschüss, zeiden ze, toen we hadden afgerekend.
Und so weiter, und so weiter.
