Duits

29 juni 2009

We waren in Kroatië en ik haalde een pakje sigaretten. Uiteraard probeerde ik Marlboro Light zo kroatisch mogelijk uit te spreken.
“Marlboro Light”, zei ik.
De vrouw in de kiosk lachte mij vriendelijke toe en graaide onder de toonbank. Ze legde iets kleurigs op de toonbank.
“Telephone Card”, zei ze, en ze wees triomfantelijk naar het dingetje wat tussen ons in lag.
Ik schudde mijn hoofd.
“No no. Sigarettes, Marlboro Light”, en ik maakte met mijn vingers een rookgebaar.
“aha”, zei ze. En ze legde de telefoonkaart weer weg.
“Zweiundzwanzig, bitte”, zei ze.
Ik dacht, da’s grappig, ze denkt dat ik duits ben.
“Ha, that’s German, but I am d..”, zei ik.
“Zweiundzwanzig, bitte”, herhaalde ze.
Ze lachte mij nog steeds toe. Iets minder vriendelijk.
Ik gaf haar het geld.
 
In de middag kregen we een menukaart met Getränken en toen we weggingen zeiden ze Wiedersehen.
“I’m not German”, zei ik.
‘s Avonds bestelde ik twee bier in het kroatisch. De barkeeper zei “Zwei bier?”. Ik zei dat ik niet uit Duitsland kwam.
‘s Nachts kon ik de slaap niet vatten.
De volgende ochtend kregen we zwei kaffee en ik probeerde uit te leggen dat we uit Nederland kwamen. Ik begon te trillen en op het strand had ik het slecht. We gingen lunchen en toen bestelde ik alles met een zwaar engels accent.
Tschüss, zeiden ze, toen we hadden afgerekend.
 
Und so weiter, und so weiter.

Vakantie

26 juni 2009

We waren in Kroatie en daar is het goed toeven. En toen we daar zaten in het grote huis met grote tuin en uitzicht over zee, las ik dit.  Intussen had ik mezelf al via Duitsland naar Kroatië getwitterd dus in gedachten zag ik twee duistere figuren de dvdspeler en flatscreen inladen. In een ford-busje. Maar ik dacht na en vond dat ik dit soort berichten altijd een beetje moeilijk vind. Ik vind dat het nieuws zichzelf vaak invult. Als je zegt dat inbrekers meelezen op sociale netwerken, geloof ik dat graag. Maar ik geloof ook graag dat juist dat bericht heel veel mensen op een idee brengt en er dus een toename van dit soort gevallen plaatvindt.

Maar goed, het zal wel. Intussen ben ik terug in Amsterdam en er is niet ingebroken. Wel is Michael Jackson overleden en ergens vind ik dat heel erg. Maar voor mij was Michael Jackson al een tijdje dood.

Bromfiets

11 juni 2009

Ik liep vanmiddag over straat en in de verte zag ik iemand aan zijn brommer knutselen. Hij zat op zijn knieën. Toen ik dichterbij kwam zag ik heel veel gereedschap liggen. Op de tegels onder de bromfiets lag een olievlek. Z’n broek was een beetje afgezakt en ik kon z’n bilspleet zien. Op het moment dat ik hem passeerde draaide de man zich ineens met een ruk om. Z’n ogen schoten vuur en hij zei: “Dit is een bromfietsreparatie!”. Ik keek om me heen of ie het tegen mij had. Per slot van rekening had ik hem niets gevraagd. En daarnaast – eerlijk is eerlijk – zie ik er niet uit als iemand die dat niet op eigen kracht had kunnen concluderen. Maar er stond niemand achter mij.
“Ja”, zei ik terug, “zoiets dacht ik al”
De man trok een verbaasd gezicht, draaide zich weer om en vervolgde hoofdschuddend zijn werkzaamheden. Alsof de wereld langzamerhand gek aan het worden was.

Niet bang

9 juni 2009

Als ik thuis ben en ik schrijf achter mijn laptop dingen die er heel erg toe doen. Dan kan ik bij de buren naar binnen kijken. Het zijn geen mensen waar je medelijden mee hoeft te hebben als het om geld gaat. Maar dat weet je natuurlijk nooit zeker.
Ik heb het gevoel dat ik het gezin goed ken. De zoon heeft lang haar en is aan het puberen. Hij slentert elke avond een beetje door het huis en niet zelden wordt ie naar zijn kamer gestuurd. Waarschijnlijk om huiswerk te maken. Regelmatig komt daar helemaal niets van want ook zijn kamer kan ik zien. En meestal zit ie wat te kloten met een soort zwaard en maakt ie allerlei vechtbewegingen. Zo nu en dan danst ie.
Op dit moment is ie door zijn vader weer naar zijn kamer gestuurd. Dat is ook precies wat ik gedaan zou hebben, want hij was nu echt aan het dralen. En zijn vader zat zich te irriteren want hij las een krant op de bank en dan heb je rust nodig. De dochter zit op hockey. Althans, ze heeft een aantal keer per week een trui aan van de Rabobank en ik zou niet weten waarom ze die anders aan zou doen, in deze tijden. Het meisje is iets jonger dan de jongen. Ze zit vaak met haar moeder op de bank of aan die grote hoge bar in de keuken. Het huis ziet er trouwens leuk uit.
Laatst, met die enorme onweersbui, midden in de nacht, was het meisje zich helemaal kapot geschrokken.
Ze was naar beneden gekomen en lag in de armen van haar moeder. Snikkend liet ze zich op de bank heen en weer wiegen. In de kamer van de jongen brandde een heel klein lichtje. Maar naar beneden kwam hij niet.

Club

5 juni 2009

We waren in Barcelona en het leek ons heel hip om naar een Club te gaan. We hadden ons gruwelijk goed gekleed en stapten zelfverzekerd een tent binnen waar geen rij voor de deur stond. Het was er erg donker. De bar zag er hip uit, overal mooie mensen. Er stonden links en rechts zitbanken en de muziek klonk zoals dat klinkt in een club. We keken elkaar heel enthousiast aan. Mijn goede vriend bestelde een rondje van vier drankjes. Dat kostte veertig euro en ik probeerde hem met ijsblokjes weer bij kennis te brengen. We gingen op een bank zitten en concludeerden dat IKEA-banken harde randen hebben. De drankjes zijn lekker, zei iemand en we knikten allemaal zonder overtuiging.  Ik vond mijn Cuba Libre niet lekker maar ik hield me in. Mijn goede vriend was nog wat bleekjes om de neus. De muziek klonk harder en harder en één van ons begon voorzichtig te dansen. Ik keek eens goed om mij heen en vond de mensen ineens helemaal niet zo mooi. Er waren eigenlijk alleen maar heel veel dronken engelse vrouwen. Van gruwzame vrouwen vormen de dronken, engelse exemplaren de buitencategorie.  Toen we halverwege onze drankjes waren zei iemand dat ie zich niet helemaal op z’n gemak voelde, hier. Misschien zouden we nog wat kunnen drinken in dat simpele barretje in El Born. Razendsnel stonden we op, glazen vielen om, citroenschijfjes gliberden over de dansvloer. We haastten ons naar de deur. Er stond een rij voor de uitgang.