Rechts

30 maart 2010

41dwpl6rphl_aa280_Maandagavond had ik een afspraak in een dorp aan de A4. Het is prettig rijden, zo ’s avonds, met mijn onsportieve rijstijl lekker relaxed op rechterbaan. Ik moet vaak uitkijken dat ik niet onder de 90 kilometer per uur kom. Het gaat er vaak allemaal erg gemoedelijk aan toe daar op die rechterbaan. Voordat ik de auto instapte had ik goed nagedacht over welke muziek ik ging luisteren en het werd weer The Temper Trap, fijne muziek van een band uit Melbourne. Hoog stemmetje heeft die zanger. Terugweg gooide ik hem op shuffle en dat was ook lekker. Intussen was het donker en daar krijg ik altijd zo’n Collateral gevoel van, donkere wegen met haast spookachtige oranje verlichting. Ach, ik reed soms wat harder dan 90 kilometer per uur en dat is nou niet echt iets voor mij. Als ik hard ga rijden dan heeft het allemaal iets onbeholpens, dat rijgedrag van mij. Ik ben gemaakt voor rustig rijden. Daar kwam ik pas achter toen ik een Volkswagen T2 had gekocht. Toen kon ik niets anders dan rechts rijden en harder dan 90 ging ie niet. Dat was nog eens relaxed: rustig rijden met mijn handen op het grote platte stuur. Mensen die naar mij zwaaiden en lachten.
Een oud, oranje busje op de rechterbaan, daar werd iedereen blij van.

Myjer

23 maart 2010

zaantheater_001Het was de grootste zaal van het theater en wij zaten op het balkon, recht voor de cabaretier. Goede plekken dus, want prima zicht en geen enkele kans dat hij ons eruit zou pikken en de gehele show voor lul kon te zetten.
Ik moest erg lachen om de man, dat is prettig, zeker op zondag. Naarmate de show vorderde werd ik mij meer bewust van mijn omgeving. Er zaten nogal wat mensen van een jaar of vijftig om mij heen. Voor me zat een jonger stel.
De grappenmaker op het podium liet een grap van het begin van zijn show de hele avond terugkomen. Er waren hele slimme mensen in de zaal die dat na een paar keer doorkregen en daar zelf erg tevreden over waren. De man die achter mij zat ging de grap dus al zeggen voordat de man die ervoor betaald werd hem maakte. Het was treurig. Hij deed het daarna nog een keer en in zijn stem hoorde ik een soort euforie en trots.
Bij de scene over Euro Disney werd het nummer ‘It’s a small world after all’ afgespeeld en mijn buurvrouw begon mee te zingen. Op zich was dat best vrolijk van die vrouw. Maar ik kreeg het gevoel dat ze meezong om te laten weten dat ze de tekst kende. Dat is dan weer een beetje vreemd want iedereen kent die tekst. Het zou natuurlijk ook goed kunnen dat ze helemaal niet meezong om te laten weten dat ze de tekst kende, maar gewoon om een beetje vrolijk te doen op de zondagavond.

Henry

17 maart 2010

factotum_henryIk kijk graag naar Factotum. Een film uit 2005, naar de roman van Bukowski met Matt Dillon als Henry Chinaski. Op internet krijgt Dillon nog wel eens de kritiek niet genoeg Bukowski uit te stralen maar dat is juist wel het geval. De licht naar voren geschoven onderkaak, lage stem, de uitgerekte uitspraak, dat is Charles Bukowski. Misschien wil ik het zien, dat kan ook. In veel scènes wordt niet veel gezegd en juist dat zegt veel. Als er wat wordt gezegd dan is het raak. Net als in zijn boeken geen woord teveel en daar houd ik van. De manier waarop hij drinkt aan de bar, met een sigaret en verder niemand in de kroeg. Dat fascineert mij. Soms is er niets mooiers dan drinken aan een bar met een sigaret en niemand om je heen, alleen de muziek. En dan nadenken.

Bergen

15 maart 2010

blooming-hotelDe bedden in hotel Blooming te Bergen (NH) zijn de allerbeste bedden van de wereld en ze staan in prachtige kamers. Vanaf kamer 1306 heb je uitzicht over de duinen. Ik houd van de duinen en dennenbomen, het duingras, het geraas van de zee in de verte. Het bed was zo groot dat het niet uitmaakte of we met ons hoofd richting de schuifpui gingen liggen, of naar de twee kantelramen, of de flatscreen televisie of gewoon met ons hoofd op de enorm grote kussens. Het maakte allemaal niet uit, in geen van alle gevallen staken mijn benen en voeten over de rand van het bed zoals wel vaak het geval is in hotels of pensions. De hoofdkussens waren tachtig bij tachtig centimeter groot. Als we het bed uitstapten hoefden we geen licht aan te doen, dat knipte automatisch aan. Indirecte verlichting vanonder het bed.
Ontbijt op bed is altijd een beetje een lastig verhaal. Bij ons ontspint zich telkens een eigenaardig machtspelletje met als inzet: wie doet deur open. Ik won dus deed mijn vriendin de deur open. Volgende keer ben ik aan de beurt, gok ik. Het ontbijt was erg oké.
Daarna zijn we door de duinen naar het strand gefietst en dronken we koffie. De man die ons de koffie bracht kende ik van mijn oude school.
‘Hee,’ zei ik ‘ik ken jou van de Don Bosco Mavo.
‘Dat kan kloppen.’ zei hij terug.
Hij zag er nog precies zo uit als toen alleen zijn haar was grotendeels van zijn hoofd verdwenen.
Ik keek in de verte naar de zee en de bruinwitte golven die onafgebroken op het strand kwamen rollen. 
Hij zette de koffie neer, trok een grote portemonnee uit zijn kontzak en zei:
‘Dat is dan 4 euro en 75 cent’.
Ik dacht aan die mavo-tijd.
‘Dat kan kloppen.’ zei ik.

Haarbandje

10 maart 2010

Voetballers met haarbandjes, laten we het dáár eens over hebben. Er zijn namelijk voetballers die  haarbandjes om hun hoofd binden terwijl ze geen lang haar hebben. Haarbandjes in je haar doen als je geen lang haar hebt is heel erg dom. Nu weet ik wel dat profvoetballers meestal niet de meest intelligente mensen zijn, maar een haarbandje om je hoofd proppen, omdat je dat iemand anders hebt zien doen. Dat gaat te vurr! Dan breng je domheid naar een hoog niveau.

Ik heb ook eens een haarbandje gedragen. Het is lang geleden, een jaar of zeven en ik had besloten niet langer met stekels rond te lopen. Ik stopte met de pot gele gel en liet mijn haar groeien. Daar hoefde ik overigens niet veel voor te doen, het ging haast vanzelf. Het ging uiteindelijk natuurlijk niet echt om mijn haar, het ging om de wil om te veranderen, anders te zijn dan ik was. Maar goed, dat wist ik toen nog niet. Toen mijn haar wat langer werd worstelde ik met veel zaken waar ik niet op voorbereid was. Hoe het haar te dragen? Welk stylingsproduct te gebruiken? Ik werd verscheurd door twijfel. Het is in die verwarrende periode geweest dat ik een haarbandje om mijn hoofd heb gebonden. Het bandje was niet meer dan een hulpkreet. En een middel om de vettige plukken haar uit mijn ogen te houden. Op zich een walgelijk verhaal. Maar wat misschien nog erger is: niemand van mijn vrienden of familie heeft er ooit iets van gezegd. Een inschattingsfout, dat was het. En niemand die er iets aan deed. Ze hebben mij ijskoud maandenlang als een clown door het leven laten wandelen.

Zaterdag

7 maart 2010

Op het voetbalveld was het koud. De wind kwam weer eens over de dijk aanzetten zoals dat daar altijd het geval is. Altijd wind, altijd uit dezelfde hoek. Over die vlakte zonder huizen of bomen die de wind af kunnen zwakken en beschutting bieden. Ruim drie maanden geleden speelden we onze laatste wedstrijd dus het was mooi om elkaar weer te zien. In de kleedkamer was de sfeer goed, dezelfde jongens die het hoogste woord voerden. De shirtjes roken lekker naar wasmiddel en we begonnen aan de warming-up. Het was echt koud, mijn benen voelden al snel stijf en koud. Vanaf het beginsignaal begon ik onmiddellijk te rennen en te jagen want ik wilde het warm hebben. Normaal ben ik niet zo’n werker maar nu wel. De tegenstander was beter en ze scoorden na een minuut of tien. Heel soms viel de wind helemaal weg en dan voelde ik gelijk de warmte van de zon in mijn gezicht en armen. Uiteindelijk scoorden wij er eentje en zij nog drie. Hun spits was sterk en speelde slim, hij maakte er twee. Geen moment had ik het gevoel dat we deze wedstrijd gingen winnen en dat maakte me ook niet uit. Na de wedstrijd dronken we bier en rum en geen enkel gesprek ging over de verloren wedstrijd.