Bijzonder
16 september 2010
weinig geschreven de afgelopen maanden. Wel aan mijn roman, maar dat was meer nadenken, lezen, aanpassen.
Druk man, we zijn verhuisd, mijn appartement is verkocht (en dat ging niet zonder slag of stoot. Ik bespaar je de verhalen, maar er moest VEEL geregeld worden, en telkens maar weer heen en weer rijden tussen Amsterdam en Alkmaar, tussen alle andere verplichtingen door) en die buik van mijn vriendin wordt groter en groter.
Veel dingen tegelijk dus, want zo langzamerhand zijn we ook begonnen met de voorbereidingen van de verschijning van mijn debuutroman. Rare zin, de verschijning, maar ik weet even niet hoe ik het anders moet zeggen.
Zaterdag vertrek ik nog een paar dagen naar een rustig oord. Er liggen drie boeken klaar: De Avonden, Perenbomen Bloeien Wit en De Grote Gatsby. Ik heb in elk boek heel veel zin, ik kan bijna niet wachten. Het is de vraag waarom ik pas echt veel lees als ik op vakantie ben, maar dat is nou eenmaal wat het is. Straks, ooit, als ik meer tijd heb, dan ga ik meer boeken lezen. Gewoon overdag, met een bak koffie erbij, op de bank. Nu kan dat nog niet.
Intussen vliegen er veel ideeën door mijn hoofd voor boek 2. Maar laten we eerst maar eens dit boek afmaken. Binnenkort verklap ik de titel.


In Parijs waren we afgelopen weekend, in de wijk Le Marais om precies te zijn, om de hoek bij metrostation Republique. Het is een prettige wijk. Er zijn veel restaurants en bars en onze vrienden hadden er een appartement gehuurd, vlakbij Le Café Rouge. Ik had mijn goede vriend al heel lang niet gezien. Hij werkt in een ver land waar niets normaal is en je in supermarkten alleen wortels en komkommers kunt krijgen. Inderdaad, ik heb het over Turkmenistan. Een land waar je niet zou moeten wonen. En zeker niet als je die vriend van mij bent, want dan hoor je in een land gestationeerd te worden waar lekker eten en drinken als het ware gratis wordt uitgedeeld. In Café Le Rouge aten we vrijdagavond wat, terwijl er muizen over vloer liepen. Op zich wel interessant.
Later dat weekend stonden we op een feestje bij ene John uit Amerika. Er waren Australiërs, Engelsen en Fransen. Er was warm bier en Havana Rum. Ik vond het een prettige samenstelling, voelde me daar erg goed tussen die lui. Ik wilde voorlopig niet weg en dat is ook precies wat ik deed. Met mijn telefoon maakte ik een paar foto’s van ons en telkens stond er een kerel met een grote baard op. Ik had hem die hele avond nog niet gezien, maar op elke foto die ik nam stond hij ook. Op de eerste foto keek hij ons aan, erg onderzoekend, beetje fronsend. Op de andere foto kijkt hij over zijn schouder, recht in de lens.
We wonen sinds vorige week in de Pijp. Het is er niet erg groot, we wonen met z’n tweeën op iets meer dan veertig vierkante meter. En over vijf maanden wonen we er met z’n drieën. De verhuizing was een hel. Meer wil ik er niet over kwijt.
Ik kom graag in bouwmarkten. Het ruikt er lekker, het is er ruim. Meestal loop ik door alle gangpaden en kijk dan wat naar al die artikelen. Sommige dingen ken ik niet, nooit eerder gezien. Ik verbaas me ook over de prijzen. Zoals verlichting. Het is nog niet zo eenvoudig om een beetje knappe lamp van onder een tientje te vinden. Voor een frame met drie spotjes betaal je zo veertig euro. Vorige week kocht ik een aantal dingen, zonder dat ik het echt van plan was, maar toen ik er langs liep dacht ik dat het slim was. Het was een douchekraan, een slang en een nieuwe douchkop-houder. Want de houder die we nu hebben is lam. Dus valt telkens dat ding naar beneden, met een klap. Het is elke keer weer schrikken en ik word er strontchagrijnig van, zo in de ochtend.
We gaan dus verhuizen dit weekend. Dat heb ik de laatste zes jaar zo’n vijf keer gedaan en als ik ergens niet tegen kan dan is het verhuizen wel. Normaal gesproken houd ik prima het overzicht en vooral het hoofd koel. Maar zodra ik moet verhuizen slaat het hele fundament onder mijn voeten weg. Ik slaap slecht, krijg last van mijn buik enzo. Vreselijk.
Er zat een stelletje op het terras. Zij had prachtig rood haar, mooi fijn gezicht. Hij keek een beetje chagrijnig en rookte een sigaret. Ze vertelde iets, moest lachen en hij reageerde er knorrig op. Het deed me aan mij denken. Want ik kan ook vaak met een chagrijnig gezicht een sigaret roken en knorrig reageren op leuke verhalen van mijn mooie vriendin. Zij bestelde een koffie verkeerd en hij iets van spa rood of tonic. Ze keuvelden wat en hij rookte zijn sigaret op. Toen wilden ze betalen en ze gaf een biljet aan de ober. Hij stopte het in zijn buideltas. Ze verwachtte dat ze nog wisselgeld terug zou krijgen maar de man liep weg. Het meisje keek een beetje onzeker naar haar vriend en hij trok zijn wenkbrauwen op. Ze moesten allebei een beetje lachen. Duur man, zo’n terrasje in Amsterdam, zeiden ze tegen elkaar. Hij gaf haar een zoen. Ze pakten hun spullen van het tafeltje en vertrokken, wandelden hand in hand naar het plein. Hij gaf haar weer een zoen.
Ik ben dit jaar nog geen één keer op het strand geweest. Of misschien toch, ergens in het begin van het jaar. Toen het nog koud was en de strandtenten nog niet waren opgebouwd. En natuurlijk in Spanje, daar ben ik ook naar het strand geweest. Maar verder niet.
Er is ook maar één land waar ze lopen te klagen en te zeiken als het nationale elftal wordt bedankt voor een bovengemiddelde prestatie. Maar goed, ik wil het er niet meer over hebben. Met geen woord.
Ik doe weer mee met een tourspel en het is altijd weer vreselijk zoiets. Want je weet dat je ploeg al na de 1e etappe volledig kansloos kan zijn. Meestal wijzig ik mijn team eindeloos, tot de een paar uur voor de sluitingsdatum. Deze keer viel het wel mee, ik heb er ook maar een paar uurtjes in gestoken. Veel minder dan normaal. Meestal maak ik er een soort studie van maar daar heb ik nu helemaal geen tijd voor. Tot zondagavond dacht ik dat ik Thor Hushovd in mijn team had zitten. En ik schepte erover op tegen mensen, dat ik hem had gekozen omdat ie altijd wel een sterke tour fietst en mee strijdt om de groene trui. Toen ik zag dat ie derde was, trok er golf van opwinding door mijn lichaam want het zou een reuzensprong in de subleague betekenen. Maar toen ik mijn team bekeek, zag ik pas dat ik Thor Hushovd helemaal niet in mijn team had zitten. Dus toch gewisseld. En als ik het zo zie heb ik hem geruild voor Bradley Wiggins. Die tot nu toe geen beste indruk maakt. We zijn weer begonnen. Maar een beetje half natuurlijk, want het Nederlands Elftal, jongens en meisjes. Het houdt me al nachtenlang uit mijn slaap.